0655778048
020-6145340
info@aadhof.nl

Soundkiller ondervloer 15mm voor lamelparket, -10dB ondervloer appartementen

BRAND!

Wie nog nooit een brand heeft meegemaakt, kan zich er moeilijk iets bij voorstellen. Een beginnend brandje kan zich binnen vijf minuten uitbreiden tot een grote uitslaande brand. En zelfs een klein brandje kan al een behoorlijke ravage veroorzaken.

Het is een misverstand dat brand alleen ontstaat als je iets aansteekt met een lucifer of aansteker. Brand ontstaat door een combinatie van zuurstof, warmte en brandbaar materiaal. Zuurstof is vrijwel altijd aanwezig. Daarom is het oppassen geblazen met de combinatie warmte en brandbaar materiaal.

Woningwet, Bouwbesluit en gemeentelijke bouwverordeningen

De Woningwet regelt zowel het brandveilig bouwen van een pand als het brandveilig gebruik ervan. De Woningwet vormt de basis voor het Bouwbesluit. In het Bouwbesluit staan eisen waaraan woonruimte moet voldoen om (brand)veilig genoemd te kunnen worden. Een gebouw is volgens het bouwbesluit brandveilig als het aan een aantal voorwaarden voldoet. Denk daarbij aan regels die ervoor zorgen dat er in een gebouw niet snel brand kan ontstaan, maar ook regels die ervoor zorgen dat als er brand is, deze zich niet zo snel kan verspreiden en mensen dus snel en veilig naar buiten kunnen. Naast de bouwkundige eisen geregeld in het Bouwbesluit (landelijk), worden de gebruikseisen en de eisen voor brandveiligheidsinstallaties in de (gemeentelijke) bouwverordeningen geregeld. Tussen bouwverordeningen kunnen dus per gemeente verschillen ontstaan. Het beste is om even contact op te nemen met de afdeling Preventie van de gemeente.

Oorzaak

Onderzoek naar woningbranden laat zien dat de meeste branden zijn veroorzaakt door bewoners. Onachtzaamheid en onvoorzichtigheid met vuur bij het branden van kaarsen, koken en tijdens klussen thuis zijn tezamen met nonchalante rookgewoonten en kinderen die met vuur spelen de meest voorkomende oorzaken. Slecht onderhoud en verkeerde installaties veroorzaken branden in schoorstenen, kortsluiting en branden door oververhitting van apparaten en toestellen.

Rookmelders

Sinds eind jaren tachtig is het gebruik van rookmelders - mede door de voorlichtingscampagnes van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en van de Stichting Consument en Veiligheid - sterk gestegen. Volgens schattingen zijn meer dan 1 miljoen rookmelders verkocht. Dat betekent dat ongeveer 1 op de 10 Nederlandse huishoudens zo'n melder heeft. Sinds 1 januari 2003 zijn rookmelders in nieuwbouwwoningen verplicht.

Noodverlichting

Het jaarlijks laten keuren van de noodverlichting door een erkend bedrijf is nog niet verplicht. Op dit moment is dit nog plaatselijke regelgeving; deze regelgeving kan dus per gemeente verschillen. Per 1-1-2008 wordt verplichting tot controle en onderhoud op brandveiligheidsinstallaties landelijk geregeld in het zogenaamde Gebruiksbesluit.

Tips

De belangrijkste tips om brand te voorkomen of om op tijd te kunnen vluchten zijn:
1. Zorg voor een goed gemonteerde rookmelder en test deze jaarlijks.
2. Stel een vluchtplan op en oefen dit met alle bewoners.
3. Maak regelmatig het stoffilter van de wasdroger schoon.
4. Sluit een onderhoudscontract af voor de controle van bijvoorbeeld de CV-ketel, de gasgeiser en de schoorsteen.
5. Blus een vlam in de pan nooit met water.
6. De meeste branden onstaan door onoplettendheid, dus wees bewust van de risico's.

Verplichte minimale reservering Vereniging van Eigenaars (VvE)

Ongeveer de helft van de VvE’s spaart te weinig. Dat kan leiden tot achterstallig onderhoud. De overheid wil daarom dat elke VvE een verplichte minimale reservering per jaar doet voor het onderhoud van het gebouw. De hoogte van deze reservering  moet  in een meerjarig onderhoudsplan staan. Of het  is 0,5% van de herbouwwaarde van het gebouw. Dit gaat in per januari 2018.

VvE reservefonds onderhoud

Elke VvE moet een reservefonds (afzonderlijke VvE betaal- of spaarrekening) hebben voor groot onderhoud. Bijvoorbeeld voor onderhoud aan de gevel, het dak of de liften. Duurzaamheidsmaatregelen, zoals vloer- of dakisolatie, vallen ook onder groot onderhoud. De leden van de VvE moeten er samen voor zorgen dat zij in het reservefonds genoeg geld reserveren. Dit kan op 2 manieren:

Meerjaren onderhoudsplan (MJOP)

De beste manier om de juiste hoogte van het reservefonds vast te stellen is via een MJOP. De VvE stelt dit plan vast. Hierin staat precies:

De VvE weet dan hoeveel zij maandelijks moet reserveren om het onderhoud te kunnen betalen. Zo is er genoeg geld beschikbaar in het reservefonds.

Minimale reservering 0,5% van de herbouwwaarde van het gebouw

Is er geen MJOP opgesteld en vastgesteld? Dan moet een VvE jaarlijks minstens 0,5% van de herbouwwaarde van het gebouw reserveren. De herbouwwaarde van een gebouw staat op het polisblad van de brand- en opstalverzekering.
De verplichte minimale jaarlijkse  reservering in het reservefonds staat in  de Wet Verbetering functioneren Vereniging van Eigenaars. De wet gaat op 1 januari 2018 in.

Onderhoud financieren zonder Reservefonds

De eigenaren kunnen besluiten om geen geld in een reservefonds te storten.  Dit kan alleen in 1 van deze situaties:

VvE kan geld lenen voor groot onderhoud en duurzaamheidsmaatregelen

De Wet verbetering functioneren VvE’s maakt ook duidelijker dat de VvE’s  geld kunnen lenen. Daarbij is elke eigenaar alleen aansprakelijk voor zijn eigen deel van een lening. De individuele eigenaar die zijn appartement verkoopt moet zijn schulden en aansprakelijkheid bij de notaris opgeven. Zo gaan zijn schulden en de aansprakelijkheid voor zijn deel van de lening over naar de nieuwe eigenaar.

VvE’s kunnen een lening aanvragen bij onder andere het Nationaal Energiebespaarfonds (NEF) en het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn). Ook zijn er banken die leningen aan VvE’s verstrekken. De rente op de lening is onder voorwaarden aftrekbaar van de inkomstenbelasting.

Gemeente kan VvE verplichten tot onderhoud

Bij achterstallig onderhoud kan de gemeente een machtiging vragen aan de kantonrechter om een VvE-vergadering bijeen te roepen. De gemeente kan in die vergadering voorstellen doen voor verbeteringen aan het onderhoud. Ook kan de gemeente een VvE verplichten om een onderhoudsplan op te stellen en uit te voeren.

Alle kantoren verplicht zuinig met energie

Nieuwsbericht | 28-11-2016 | 12:20; Foto: : Corné Bastiaansen

Vanaf 2023 is er in Nederland geen enkel kantoor meer met een energielabel slechter dan label C. Kantoren met een slechter label (D t/m G) mogen dan niet meer gebruikt worden. Eigenaren van energieslurpende kantoren moeten hun panden zuiniger maken. Dat is geen probleem, want de investering betaalt zich terug door besparing op energiekosten.

Dat staat in een brief van minister Blok (Wonen en Rijksdienst) aan de Tweede Kamer. Blok kondigt een wettelijke verplichting aan voor eigenaren van kantoren: hun panden moeten minstens label C hebben. Die eis geldt vanaf 2023. De eigenaren hebben dus nog de tijd hun kantoren zuiniger te maken. Voor heel kleine kantoren en monumentale panden geldt nog een uitzondering.

Kantoren met een label D, E of F kunnen zonder bouwkundige ingrepen aangepast worden om label C te halen. Aanpassingen aan installaties (bijv. verlichting) zijn al voldoende. Alleen bij kantoren die nu label G hebben, zijn maatregelen als glas- of dakisolatie nodig.

De maatregel levert vanaf 2023 ruim 8 petajoule energiebesparing per jaar op. De kantooreigenaren moeten hiervoor samen eenmalig 860 miljoen euro investeren in energiebesparende maatregelen. De terugverdientijd ligt gemiddeld tussen de 3 en 6,5 jaar, maar dat is sterk afhankelijk van het gebouw en de energieprijs.

De verplichting voor (minstens) label C geldt alleen voor kantoren. Wel komt er een onderzoek naar de mogelijkheden in andere gebouwen (winkels, bedrijfsgebouwen, scholen, zorginstellingen, sporthallen, musea etc.).

Betere controle

Alle bedrijven en instellingen die veel energie gebruiken (meer dan 50.000 kWh of meer dan 25.000 m3 gas), zijn nu al verplicht om energiebesparende maatregelen te nemen als de terugverdientijd onder de vijf jaar ligt. De controle daarop door gemeenten en omgevingsdiensten schiet tekort. Het kabinet stelt daarom twintig extra toezichthouders voor de omgevingsdiensten beschikbaar; die zijn sinds deze maand actief. Zij helpen ook bij regionale projecten voor energiebesparing. Betere controle levert in 2023 ruim 16 petajoule besparing op.

Woonhuizen

Voor energiebesparing in woonhuizen zijn verschillende subsidies en leningen beschikbaar.

linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram